Een volkscafé is een café waarin de baas of bazin zelf achter de toog staat en het merendeel van zijn klandizie bij naam kent. Een volkscafé opent 's ochtends de deuren en sluit tegen de avond. Pinten zijn er goedkoper dan elders, en de tapbiljart werkt met stukken van vijftig cent. Als er al personeel rondloopt dan is dat in de meeste gevallen zoon- of dochterlief. Sommige volkscafés zijn ook 'vrije cafés': ze zijn niet gebonden aan een brouwer, en doen volledig hun goesting met de bierkaart.